Marit Dik

Selection of articles / media


Avondlog Wim Noordhoek, 2015, "Marit Dik in de derde dimensie"

Link: http://www.avondlog.nl/tags/marit-dik

Stel je voor: kleine schouwburgscenes uit absurde toneelstukken. Die ook surrealistische collages zijn. Wat voegt die derde dimensie toe? Je staat er als Gulliver over gebogen. Eerst dichtbij kijken, dan, bij een stapje achteruit, overzie je het geheel. Je kijkt achter de gordijnen, in de coulissen. Eerder zag ik een diorama van Marit Dik bij Ogenbliksem in de oude kaasfabriek in het Overijsselse Kolderveen. Nu zijn er dertien verzameld bij de nieuwe Amsterdamse galerie Orangerie. Een unieke vertoning. Wat er gebeurt er in haar mini-filmsets? Het ironiseren van kunst vooral, zoals in haar geestige versie van Suzanna en de ouderlingen die haar moderne badkamer zijn binnengedrongen. Suzanna duikt weg. Noem het filmsets of kijkdozen zonder dak. Willem Brakman, de kijkdozenfreak zou er als een blok voor gevallen zijn. Ook bijvoorbeeld voor het als in een weerhuisje beweegbare, innig verstrengeld stel. Marit Dik werkt met al wat van pas komt, foto's, tekeningen, de schaar. Dali? Willem van Genk? Steeds weer schiet ik in de lach, zonder precies te weten waarom. Dat is de opgave van deze vederlichte tentoonstelling. Het steeds weer merken dat Marit Dik je te vlug af is.


Mister Motley, mei 2015

Uit De kunstenaar kan alles, Alex de Vries, bij de opening van OGENBLIKSEM #5 in galerie Sanaa

Link: http://www.mistermotley.nl/art-everyday-life/de-kunstenaar-kan-alles

Marit Dik bekijkt de wereld vanuit een mengeling van bekommernis en zorgeloosheid. Ze kan niet overal verantwoordelijkheid voor nemen, hoezeer wat haar haar omgeving ook overkomt haar ook ter harte gaat. In haar schilderijen en diorama’s is er sprake van een overweldiging die buiten haar omgaat. Het is een vorm van visitatie, een engel die een onmogelijke boodschap brengt, waaraan je bent gehouden te voldoen. Het lot van de mensheid rust op je schouders. Iemand strijkt met zijn hand lang je hele lichaam om te bevoelen wat je te verbergen hebt. Marit Dik brengt iets in de wereld waarom niet is gevraagd, maar wat ze wel te bieden heeft.


Galerie Helder, Den Haag, 10 januari – 15 februari 2015

Uit : Transformaties, openingstekst door Alex de Vries bij de tentoonstelling van Lars Weller en Marit Dik

Link: http://www.mistermotley.nl/art-everyday-life/transformaties

[....] De cinematografische transformaties in het werk van Lars Weller vinden we op een andere manier terug in de schilderijen en de 3d collages van Marit Dik. Vooral die collages zijn gemaakt als een miniatuur-set voor een film. Je kunt je er hele scènes in voorstellen. Het zijn als het ware opengewerkte decors waarin camera’s vrijelijk kunnen bewegen om iedere gezichtshoek mogelijk te kunnen maken. De manier waarop deze collages functioneren, doet enigszins denken aan de werkwijze van Alfred Hitchcock voor zijn film ‘Rope’ uit 1948. Daarin duurde steeds iedere scène precies de tien minuten van een filmrol en wekte Hitchcock zelfs de suggestie van een onafgebroken opname door de overgangen tussen de filmrollen subtiel te maskeren. In die tijd waren de filmcamera’s nog zo groot dat ze niet door een deur konden, zodat Hitchcock genoodzaakt was een open decor te maken zodat de camera zelfs als het ware door de muren heen kon filmen en de acteurs overal kon volgen. Een bijzonderheid is dat ‘Rope’ de eerste kleurenfilm van Hitchcock was en dat het verhaal zich afspeelt rond een als tafel dienstdoende kist waarin een zojuist vermoorde jongeman is verborgen. Die morbiditeit is een vermoeden dat ogenschijnlijk in de collages van Marit Dik ontbreekt, maar bij nadere beschouwing is iedere scène die zij verbeeldt toch voorzien van een ongemakkelijkheid die onder de oppervlakte een gevoel van argwaan veroorzaakt. De op het oog illustratieve verhaalsequentie die Marit Dik verbeeldt, kent een aspect dat niet zozeer zichtbaar is, maar dat wel ieder moment kan worden ontdekt. In het werk van Marit Dik vraag je je voortdurend af: waar is het wachten op? Dat houdt ze buiten beeld, waardoor de manifestatie ervan des te nadrukkelijk is. Nog sterker dan voor haar collages geldt dat voor haar schilderijen, omdat je daarin niet om de dingen heen kunt kijken om alles van voor en achter te observeren. In haar schilderijen zien we het verborgene frontaal aan ons gepresenteerd. In het schilderij van een bijna naakt meisje laat Marit Dik haar twee appels tonen die ze voor haarborsten houdt. Alles aan dat tafereel oogt onschuldig en onverdacht. Toch is het een hoogst ongemakkelijk schilderij, omdat het zich uitspreekt over argeloosheid en doortraptheid, over bekoring en verzoeking, over verlegenheid en schaamteloosheid.

Marit Dik zet nogal wat op het spel in haar werk. In de collages is dat spel vooral allegorie, metafoor en symbool, een sprookjesachtige verbeelding, een moraliteit zelfs. In haar schilderijen daarentegen zet ze zichzelf in, doordat ze haar kinderen en hun leeftijdsgenoten als model gebruikt om enerzijds te verbeelden waar het leven mank gaat, waar de maatschappij aan voorbij gaat, waar het bestaan ongerijmd is en anderzijds om te laten zien waar het geluk huist. Waar de collages je in hun rebus-achtige beeldtaal je goedmoedig op het verkeerde been zetten en op vrolijke wijze duidelijk maken dat je twee keer moet kijken voordat je weet wat je ziet, daar zijn haar schilderijen in hun menshoge gedaante een veel directere confrontatie met je persoonlijke onvermogen om met de onbarmhartigheid van menselijke tekortkomingen om te gaan en met je verlangen naar een onbekommerd bestaan. De schilderijen zetten je eerst op het verkeerde been door vrijwel consequent een jonge vrouw op te voeren die zich onmiddellijk bedreigd weet in haar lichamelijkheid. De principiële onaantastbaarheid daarvan houdt die bedreiging ervan per definitie in. Bij Marit Dik is er daarom geen sprake van een vertederende ingenue die als excuus voor een met vaseline ingesmeerde erotische aberratie dienst doet die we kennen uit de pornografische blik van de erotomaan, maar van een ongekunstelde, jeugdige vrouw die zich onwillekeurig verzet tegen de wijze waarop ze altijd en overal seksueel verdacht wordt gemaakt. Tegelijkertijd viert Marit Dik ook de zelfstandige seksualiteit van deze jeugdige vrouwen. In haar collages steekt ze er in de allegorische betekenis ervan enigszins de draak mee. Kom, er mag ook om gelachen worden, maar in haar schilderijen kan je dat lachen uiteindelijk alleen maar vergaan als je je rekenschap geeft van de navrante manier waarop deze geschilderde vrouwen op zichzelf worden aangewezen. Ze hebben een wereld te veroveren.


KunstNetTV, 2015

Alkmaarse kunstenaar Marit Dik verbeeldt vluchtige momenten

link: http://www.kunstnet.tv/MaritDik2015.htm


Een zachte vloeiende stroom ribbelt over het doek, 2009

De landschapschilderijen van Marit Dik nemen de kijker mee naar een serene plek, ver van de drukte van het leven van alledag. Vanuit een inspiratie uit de natuur en bekende alledaagse taferelen zijn het vaak kinderen die in haar grote abstracte en tegelijk figuratieve schilderijen op doek voorkomen. Haar werk verbeeldt scènes met een uiterst rustige atmosfeer en vangt tegelijkertijd een kort vluchtig moment. Hoewel, als je je blik laat dwalen merk je dat haar onderwerp niet zo letterlijk is als het lijkt. Was het een foto die haar inspireerde? Een herinnering aan een zomervakantie? En wat probeert Dik precies te pakken? Is het ware onderwerp in haar werk een verhaal of is het een moment in de tijd? Of zijn het vooral de gevoelens en emoties waar deze taferelen voor staan? Dik bereikt een quasi idyllische sfeer zowel door de keuze van het onderwerp als door haar abstracte figuratieve stijl van schilderen. In de serie schilderijen uit 2006 en 2007 onderzoekt zij verhalen en scènes van kinderen die hangen, die spelen,....die gewoonweg in de buitenlucht rondhangen. Titels zoals Playground, Paradijs en Lezend in het Park zijn toespelingen op alledaagse activiteiten en momenten. De kinderen in haar werk kunnen worden beschouwd als een metafoor voor onschuld, verwijzend naar de voorseksuele fase van ontluikende adolescenten, vlak voor zij volwassen worden. Hun aanwezigheid zorgt voor een sfeer van harmonieuze nonchalance maar tegelijkertijd is er een toenemende spanning rond de naderende volwassenheid die in de nabije toekomst opdoemt. Dit effect wordt versterkt door de formele eigenschappen van haar stijl van schilderen. Met dun aangebrachte acrylverf op linnen speelt zij een melodisch spel tussen verf en licht. Zoals de expressionistische schilders in het verleden, bijvoorbeeld Cezanne, vermijdt zij strakke lijnen. Daarvoor in de plaats kiest zij voor het maken van afzonderlijke vormen door het aanbrengen van losse vlekken verf. De afwezigheid van harde lijnen brengt beweging in haar schilderijen. Een zachte vloeiende stroom ribbelt over het doek. Dat effect wordt nog verder opgevoerd door het zorgvuldig aanbrengen van de verf om een suggestie op te roepen van filterende zonnestralen door de bomen, schijnend op verborgen plekken, het juiste moment pakkend. Het gebruik van verf als licht verhoogt ook het vluchtige van de handeling en van de bewegingen van de figuren. Het grote formaat van de schilderijen in combinatie met het open, close up zicht dat zij de kijker op het werk geeft, staat ons toe om de setting binnen te dringen zonder de zorgvuldig geconstrueerde harmonie te verstoren. Een open plek in het dichte bos geeft ons net genoeg licht om het tafereel waar te nemen zonder in overtreding te zijn. Dat Dik wordt geïnspireerd door de natuur is duidelijk te zien aan de steeds terugkerende bomen en landschappen in haar werk. Aan de ene kant lijken de landschappen over te gaan in de figuren die in haar scènes verschijnen.Tegelijkertijd gaan de abstracte landschaptaferelen die de achtergrond van deze schilderijen vormen een eigen leven leiden in haar series over bomen en bloemen. Door abstracte schildertechnieken te gebruiken vestigt zij onze aandacht op specifieke details van een bloem of een boom zonder te proberen om deze realistisch weer te geven. Ze schildert net voldoende details om de kijker voldoening te schenken en een indruk te geven van het moment en de plaats. En ligt hier de sleutel van het werk van Dik. Eigenlijk is zij niet geïnteresseerd in een realistische weergave van een situatie, in plaats daarvan is zij gericht op de atmosfeer, het gevoel, de emotie. Als je naar haar werk kijkt kun je de onuitgesproken spanning en de mogelijke gebeurtenis op de plek bijna voelen. De schildertechniek in het werk dat in 2009 tijdens een artist-in-residence in ArToll, Duitsland, is gemaakt, doet denken aan camouflagemateriaal. Haar penseelstreken en kleurvlekken wijzen subtiel naar de aanwezigheid van kleine dieren. Ze behoudt een gevoel van intimiteit door op kleinere schaal te werken; het werk in deze serie heeft nu in een kleiner formaat. Hier maken we kennis met haar indruk van het woud dat zowel krachtig als majestueus is. Het verbaast daarom niet dat zij deze reeks Jagd und Liebe/ Jacht en Liefde heeft genoemd. Na de kleinere doeken te hebben onderzocht gaat zij in haar recentste werk terug naar groter formaat en brengt ze menselijke figuren in haar schilderijen terug. Met een rijpere schildertechniek herziet zij nu composities en onderwerpen geïnspireerd op klassieke schilderijen. In de werken zoals Fragile/Breekbaar, Monkey in my head/ Aap in mijn Hoofd en Unbearable Lightness/Ondraaglijke Lichtheid, (alle 2008) kunnen wij zien hoe zij deze thema's met haar persoonlijke handschrift heeft geïntegreerd om een nieuw verhaal tot stand te brengen dat zowel associatief is als vermengd met fantasie. Ook zien wij schilderijen in een interieur, bijvoorbeeld You must learn to dance/ Je moet leren dansen (2009). Terwijl ze haar poëtische touch en persoonlijke penseelstreek behoudt, pakt zij haar onderwerp nu veel realistischer aan en brengt het vanuit het bos het huis in. Het lijkt alsof de recente periode als artist-in-residence in ArToll, Duitsland Dik de mogelijk heeft gegeven om haar persoonlijke relatie tot de natuur nieuw leven in te blazen en de emoties en gevoelens die zij daar heeft opgedaan in haar werk te laten doordringen. Laag over laag brengt ze verf op het doek, haar natuurlijke omgeving en haar figuren in perfecte harmonie vormgegeven. Ze gebruikt het bos, de natuur en de menselijke figuren in haar werk als metaforen voor de evolutie van de menselijke levenscyclus. Zij leidt ons van de kindertijd naar de adolescentie; ze combineert en integreert menselijke figuren met de natuur hetgeen een natuurlijke ontwikkeling impliceert en de symbiotische relatie tussen die twee ontsluiert. In het meest recente werk wil Dik aspecten van de rol, de belangen en de worstelingen van (jonge) vrouwen ten aanzien van de maatschappij onderzoeken. Misschien kunnen we dit ook als teken zien van het samenkomen van haar achtergrond als psycholoog met haar maatschappelijke positie als kunstenaar? We weten het nooit zeker maar het mogelijke antwoord is wellicht bij de toeschouwer te vinden. Want in haar werk laat Dik voldoende ruimte voor de fantasie, zelfreflectie en interpretatie van de kijker.

Donna Wolf Vertaling van de door Donna Wolf geschreven tekst:” A gentle flowing pulse rippels across the canvas”, 2009


THIS IS A LOVESONG, 2009

artist-in-residency, Phoenicia, NY

art review by Lynn Woods In early September, eight Dutch artists arrived in Ulster County for their month-long residency, in time for the opening of the group show of their work at SUNY-Ulster on Sept. 10. Marit Dik was one of nine artists who participated in an artist in residency program in Ulster County, in the mid Hudson Valley of New York, in September and early October. Her painting, "Fifteen," was included in the group exhibition in September at the State University of New York-Ulster community college, and she showed her large, psychologically charged acrylic canvases of figures in a landscape at the Arts Upstairs Gallery in Phoenicia. Dik, who was a psychologist before becoming an exhibiting painter in 2000, transformed a room of the gallery into an installation, “This is a love song,” the fable of an adolescent girl’s transition into womanhood through a romantic encounter with a young man. The narrative was told through a series of paintings loosely connected by pastoral charcoal drawings on the walls and accompanied by a recording of a Dutch nursery rhyme, in which a robin --stand-in for the man--knocked on the door of a cabin to come out of the cold, stayed the winter, then abandoned the girl in the spring. “I started to draw on the wall for context, to make a story without words,” Dik said. “The paintings I brought with me, the drawings are all impressions from here.” They include depictions of animals she encountered for the first time in the mountainous woods around Phoenicia, such as raccoons and flying squirrels. Dik’s painterly style and subject matter, reminiscent of Eric Fischl, convey a sense of tension, both in the extreme animation of the landscape —paint strokes suggest eyes and other features lurking in the forest —and the vulnerability of her protagonists. The spontaneous, layered application of paint across the entire canvas resembles camouflage, with its strokes of light and dark. The bright, contrasting colors undermine her fairy-tale theme with a Pop immediacy, and her compositions, which often include dark foreground elements, a grove-like opening of light in the mid-distance, and a feature, such as a stream, spilling out of the foreground, pull the viewer into the space (or rather, the depicted space of the painting penetrates the viewer’s space). In one painting, a tough-looking adolescent girl, her midriff exposed, is unaware of a large bear that lurks in one corner; the girl, however, seems less at risk of becoming a victim than the bear. In another canvas, a girl in military garb lifts a knife over a fallen boar. “There is no line between her and the landscape,” said Dik. “My painting is a kind of camouflage. I obscure and reveal.” Dik included smaller works she had painted while participating in a residency in ArtToll, Germany, earlier this year. She shows her work in Holland, and Belgium. During her stay in Phoenicia, she took many photos. Dik said she immediately felt at home in her new surroundings. “The colors are so nice. The feeling of so many animals is wonderful. We don’t have skunks and raccoons. It’s always surprising what you see.”